Wie bouwt de smart city? Dat is de vraag die IT-bedrijf Realdolmen en UGent zich stelden tijdens hun event Co-thinking about the Future, van afgelopen oktober. Samen met 200 klanten, professoren, studenten en IT-experts dachten ze er na over de technologie van de toekomst. Hun voornaamste conclusies? Die lees je hier. 

 

Naar de stembus 

Het uitbouwen van een smart city is een langetermijnproject, en strookt daarom vaak niet met de politieke ambities van burgemeesters, die elke zes jaar strijden voor hun herverkiezing. Om zoveel mogelijk stemmen te verzamelen, is het voor deze stadsleiders dan ook belangrijk om kortere, kleinere projecten op poten te zetten, en te focussen op kleine, hyperlokale slimme apps die kiezers opleveren. Toch hoeft dit volgens Realdolmen geen probleem te zijn. Want ook kleine stadsprojecten zetten het idee van een smart city in the picture en brengen burgers van zo’n stad op een laagdrempelige manier met het concept van een slimme stad in contact. En ook de lessen die steden ook kleinere projecten trekken, kunnen zeer waardevol zijn en voor input zorgen voor projecten op langere termijn.

 

Vaak nog te lokaal 

Nog veel te vaak blijven lokale smart city-initiatieven nog echt lokaal. Beter zouden burgemeesters en stadsbestuur over de (stads)grenzen heen kijken, en samenwerken met de buren. Volgens Realdolmen is het fenomeen van te lokale initiatieven vooral te wijten aan de Europese wetgeving. Europa formuleerde namelijk een aantal standaarden rond privacy, open data en toegankelijkheid. Hierbij proberen ze financiële steun voor smart city-initiatieven geografisch te spreiden. Hierdoor gaan steden te vaak de concurrentie om financiële middelen aan.

 

Over de grenzen heen kijken 

Realdolmen pleit ervoor dat Vlaamse steden en gemeenten meer over de grenzen heen gaan kijken, naar grote smart cities zoals Kopenhagen, Barcelona en Chicago. Deze grootsteden delen hun kennis en advies met lokale overheden. In de verspreiding van deze best practices ligt ook een kans voor IT-leveranciers, die ervaring opdoen in verschillende gemeenten en kennis van de ene naar de andere gemeente kunnen overdragen. Hoewel er nog te vaak lokaal gekeken en gewerkt wordt, ziet Realdolmen toch ook goede vooruitzichten. Zo vormen gemeenten regionaal wel steeds vaker clusters om schaalvoordeel te creëren. Door zo’n samenwerkingen kunnen steden sneller en makkelijker slim worden.

 

Bron: realdolmen.com

 

The following two tabs change content below.

Valerie Bauvois

Community Manager @ Smart Cities Vlaanderen